Kieswet

Inhoud

Artikel M 10

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-12-2013.
  1. De voorzitter van het stembureau opent de retourenveloppe en neemt het briefstembewijs en de enveloppe met het stembiljet eruit. Hij controleert of de verklaring dat de kiezer het stembiljet persoonlijk heeft ingevuld, is ondertekend en of de daaronder geplaatste handtekening overeenstemt met de handtekening onder het ingewilligde verzoekschrift. Vervolgens overhandigt hij het briefstembewijs aan het tweede lid van het stembureau.

  2. Het tweede lid van het stembureau houdt, door op het verzoekschrift zijn paraaf te stellen, aantekening dat de kiezer van zijn kiesrecht gebruik heeft gemaakt.

  3. De voorzitter overhandigt vervolgens de enveloppe met het stembiljet ongeopend aan het derde lid van het stembureau. Indien het stembiljet zich niet in de daartoe bestemde enveloppe bevindt, overhandigt de voorzitter het stembiljet, zonder het in te zien, dichtgevouwen aan het derde lid van het stembureau.

  4. Het derde lid van het stembureau steekt de enveloppe met het stembiljet in de stembus. Indien het stembiljet zich niet in de daartoe bestemde enveloppe bevindt, steekt het derde lid van het stembureau het stembiljet, zonder het in te zien, dichtgevouwen in de stembus.

01-01-2026 Huidig 01-08-2025 Historisch 12-02-2025 Historisch 20-06-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 24-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-07-2020 Historisch 22-02-2019 Historisch 01-01-2019 Historisch 01-08-2018 Historisch 28-07-2018 Historisch 13-06-2018 Historisch 25-05-2018 Historisch 01-12-2017 Historisch 01-10-2017 Historisch 10-06-2017 Historisch 12-05-2017 Historisch 01-04-2017 Historisch 02-01-2016 Historisch 01-01-2016 Historisch 10-10-2015 Historisch 30-01-2015 Historisch 01-01-2015 Historisch 29-11-2014 Historisch 10-10-2014 Historisch 01-07-2014 Historisch 06-01-2014 Historisch 01-12-2013 Historisch 17-10-2013 Historisch 29-06-2013 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-04-2011 Historisch 01-01-2011 Historisch 10-10-2010 Historisch 01-01-2010 Historisch 01-01-2009 Historisch 01-12-2008 Historisch 21-11-2008 Historisch 01-07-2008 Historisch 01-01-2007 Historisch 11-10-2006 Historisch 11-05-2005 Historisch 01-01-2005 Historisch 01-03-2004 Historisch 01-07-2002 Historisch 07-03-2002 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 07-03-2002

Tekst van deze versie

  1. De voorzitter van het stembureau opent de retourenveloppe en neemt het briefstembewijs en de enveloppe met het stembiljet eruit. Hij controleert of de verklaring dat de kiezer het stembiljet persoonlijk heeft ingevuld, is ondertekend en of de daaronder geplaatste handtekening overeenstemt met de handtekening onder het verzoekschrift,ingewilligde bedoeld in artikel M 4, vierde lid.verzoekschrift. Vervolgens overhandigt hij het briefstembewijs aan het tweede lid van het stembureau.
  2. Het tweede lid van het stembureau houdt, door op het verzoekschrift zijn paraaf te stellen, aantekening dat de kiezer van zijn kiesrecht gebruik heeft gemaakt.

  3. De voorzitter overhandigt vervolgens de enveloppe met het stembiljet ongeopend aan het derde lid van het stembureau. Indien het stembiljet zich niet in de daartoe bestemde enveloppe bevindt, overhandigt de voorzitter het stembiljet, zonder het in te zien, dichtgevouwen aan het derde lid van het stembureau.

  4. Het derde lid van het stembureau steekt de enveloppe met het stembiljet in de stembus. Indien het stembiljet zich niet in de daartoe bestemde enveloppe bevindt, steekt het derde lid van het stembureau het stembiljet, zonder het in te zien, dichtgevouwen in de stembus.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Kieswet